3.6 Mediatheorie over de gulden

Er zijn veel theorieën over media maar, voor zover ik weet, niet direct voor geld. Vaak gaat het over schilderkunst, fotografie, krant etc. Toch denk ik dat geld ook als een medium kan worden gezien. Volgens de Van Dale betekent het woord media ‘middelen om informatie over te dragen: radio, tv, pers, internet enz.’. Dit is ook het doel van de uitingen van geld. Zowel met het contante geld als met bijv. Pinpassen wordt veel informatie, soms bewust, soms onbewust, over gedragen.

Het contante geld staat altijd voor een voor een bepaalde waarde. De biljetten stonden vroeger voor een bepaalde hoeveelheid goud. Sinds de jaren 70 is deze directe koppeling met goud er niet meer. De waarde waaraan ons valuta nu gekoppeld is van veel omstandigheden afhankelijk. De koers van de euro veranderd constant. De Nederlandse Bank zorgt mede met inflatie of deflatie ervoor dat de waarde die de uitingen van geld representeren stabiel blijven. Al met al zit er een hoop informatie in de bankbiljetten. De economie die erachter zit is constant in beweging. De vormgeving ervan heeft een geschiedenis. De ontwerper van het biljet heeft vaak z’n eigen visie op hoe geld eruit moet zien.
 
 

‘The medium is the message’


Volgens Marshall McLuhan (1911-1980) is het medium de boodschap. Het medium bepaalt welke informatie wel en niet kan worden overgedragen. Sterker nog: de meeste informatie die door een medium wordt overgedragen meldt meer over de eigenschappen van het medium zelf dan over iets anders. 25 Bij betaalmogelijkheden zijn de media als volgt:

- bij het contante geld: waardepapier en betaalmunten
- bij de pinpas: de pas die je toegang geeft tot je geld

Bij deze verschillende uitingen van geld is de vormgeving steeds anders, dit wordt bepaald door het medium zelf. Doordat het medium waardepapier makkelijker na te maken is, is deze vormgeving voorzien van veel echtheidskenmerken. Bij media als munten (nu gemaakt van metaal en lood) werden ook steeds complexere figuren op afgebeeld om namaak te voorkomen. Bij dit medium was vroeger het materiaal zelf  (bijvoorbeeld goud of zilver) al waardevol. Er werd door sommige mensen geprobeerd om van de munten iets van het materiaal af te schaven zodat ze dit weer apart konden gebruiken en de munt nog steeds dezelfde waarde bezat. Daarom is er op een gegeven moment besloten om op de rand van de munten een tekst te plaatsen zodat het niet meer mogelijk was om materiaal van de munt af te halen zonder dat dit zichtbaar werd. Ook hierbij geldt dus weer dat het medium de boodschap bepaalt (of is).

Bij de biljetten van Oxenaar wordt deze zichtbaar in een aantal verschillende dingen. Aangezien het medium gevoelig is voor namaak moeten de biljetten worden voorzien van de nodige echtheidskenmerken. Een van de kenmerkende dingen van Oxenaar als ontwerper is dat hij veel afwist van druktechnieken. Hij wist precies wat er mogelijk was met het medium en hij wist dus ook hoe je dit het beste kon gebruiken. Dit in tegenstelling tot veel van z’n voorgangers, die vaak alleen een schets aanleverde maar zich verder niet bemoeiende met het drukwerk.

Ook de keuze voor de laatste serie van Oxenaar kwam deels voort uit het medium zelf. Oxenaar vond het niet waardig tegenover de geportretteerde mensen dat ze op papier afgebeeld stonden, dat altijd werd ‘gekreukt’. Daarom is hij van dit onderwerp afgestapt en over gegaan op de snip, vuurtoren en zonnebloem.

Bij serie van Drupsteen is deze theorie ook van toepassing. Hij wilde juist laten zien wat voor techniek er schuil ging achter het drukken van bankbiljetten. De complexiteit van de druktechnieken wilde hij laten zien op de biljetten zelf.
 
 

Hermediatie

De vormgeving van geld veranderd vaak. We hebben alleen in Nederland al zo’n vijftig verschillende biljetreeksen gehad, en geen een was hetzelfde. Daarnaast ontstaan er steeds andere betaalmogelijkheden zoals de pinpas. Hiermee verandert niet alleen de vormgeving maar ook het karakter van het geld.  Er worden steeds nieuwere middelen uitgevonden en om de zoveel tijd veranderen we de vormgeving ervan. Toch blijft het geld in z’n essentie altijd gelijk. Wel hebben we een switch gemaakt van de gulden naar de euro. Voor de vormgeving is dit ook een belangrijke omschakeling geweest. Marshall McLuhan stelt dat ‘de inhoud van een medium is altijd een vorig medium’. 26 Het zogenoemde hermediatie. Deze uitspraak van McLuhan houdt in ieder nieuw medium de informatie van een ouder medium zit.  We begrijpen volgens hem het nieuwe medium allen omdat we zien dat een ouder medium wordt nagebootst.

Bij de bankbiljetten is ook sprake van hermidiatie, zowel bij de gulden als bij de euro. Vanaf 1814 hebben we in Nederland bankbiljetten en dit kent dus een rijke geschiedenis. We zijn niet meer onbekend met het fenomeen waardepapier en het roept bij ons daarom de nodige response op die ons doet beseffen dat we te maken hebben met papier dat een waarde representeert. Vandaar dat de biljetten toch vaak in de traditionele opmaak zijn gedaan, natuurlijk ook om namaak tegen te gaan, maar ook omdat wij hiermee bewust worden dat we te maken hebben met een waardepapier. Het allereerste bankbiljet ‘het roodborstje’ was voorzien van een ornamentele rand. Zelf dacht ik dat dit puur uit esthetische overweging was geplaatst maar, zo schrijft Jaap Bolten in zijn boek, dit is gedaan alleen maar omdat niemand anders beschikte over deze drukzetsels en het daardoor niet na te maken was. Het was dus een veiligheidsoplossing. Dit soort technieken werden vaak gebruikt en we raakten er dan ook aan gewend als een officieel en belangrijk document. Net als dat het geval is bij een diploma of certificaat, hier worden dit soort elementen ook vaak gebruikt.

Ook het formaat van de bankbiljetten, wat bij de verschillende reeksen niet veel verschilde, doet ons eraan herinneren dat we te maken hebben met bankbiljetten. De formaten wisselden wel door nieuwe drukmachines ed. maar het moest makkelijk mee te vervoeren zijn en het werd daarom ook nooit veel kleiner of groter dan het formaat dat we nu gebruiken.

Wat ook een zichtbare hermidatie is, is het gebruik van nationale afbeeldingen op de biljetten. Voordat de biljetten werden uitgevonden werd er met munten, producten of met diensten betaald. Op de munten werden vaak portretten geplaatst van keizers of koningen die op dat moment regeerden. Ook werden er symbolen op geplaatst, vaak van religieuze aard of dingen die de keizer of koning had gerealiseerd. Op het eerste bankbiljet van Oxenaar werd nog een portret van een nationaal persoon afgebeeld. En de daarop volgende biljetten van Oxenaar, Drupsteen en Kalina werd altijd nationale symbolen gebruikt.

Verder >

 

1. Inleiding

Geld is iets waar bijna iedereen in onze westerse samenleving mee… Lees meer »

2. Bankbiljetten

Geld heeft een lange en rijke geschiedenis. Het is iets wat Lees meer »

3.1 De guldenreeks van Oxenaar

Sinds 1814 is de Nederlandse Bank verantwoordelijk geweest Lees meer »

3.2 De ontwerpen van Oxenaar

Ootje Oxenaar heeft een serie van negen verschillende bankbiljetten Lees meer »

3.3 De guldenreeks van Drupsteen

Nadat de serie van Oxenaar in de roulatie was gebracht werd Oxenaar Lees meer »

3.4 De ontwerpen van Drupsteen

Centraal staat bij de serie van Drupsteen dat hij de technologie, Lees meer »

3.5 Filosofie over de gulden

De Duitse filosoof en socioloog Georg Simmel heeft een boek Lees meer »

3.6 Mediatheorie over de gulden

Er zijn veel theorieën over media maar, voor zover ik weet, Lees meer »

4. De euro

De Euro bestaat al sinds januari 1999. Tot 2002 was de euro nog Lees meer »

4.1 De euroreeks van Kalina

Voor het ontwerp van de euro werd een soort ontwerpwedstrijd Lees meer »